WETENSCHAPPELIJK INSTITUUT VOLKSGEZONDHEID

Afdeling Epidemiologie

Gezondheidsverwachting volgens socio-economische gradiënt in België

Nathalie Bossuyt

Inhoudsopgave

SAMENVATTING
1. INLEIDING 1
2. SOCIO-ECONOMISCHE VERSCHILLEN IN GEZONDHEID 2
2.1. Aanwijzingen voor socio-economische verschillen in gezondheid 2
2.2. Verklarende mechanismen voor socio-economische verschillen in gezondheid 3
2.3. Aangrijpingspunten voor interventie 5
2.4. Evolutie van de gezondheid van een populatie 5
2.4.1. Epidemiologische transitie 5
2.4.2. Verouderen 7
2.4.3. Recente ontwikkelingen in gezondheidsindicatoren 8
3. MATERIAAL EN METHODEN 10
3.1. Berekeningsmethode 10
3.1.1. Methodes om gezondheidsverwachting te berekenen 10
3.1.2. Praktische uitwerking van de methode van Sullivan 11
3.1.3. Leeftijdsgroepen 15
3.2. Gegevens 16
3.2.1. Indeling van de mortaliteits- en morbiditeitsgegevens naar socio-economische status 16
3.2.2. Mortaliteitsgegevens van deze studie 18
3.2.3. Morbiditeitsgegevens van deze studie 19
3.3. Keuze van de indicatoren 23
3.3.1. Indicatoren voor socio-economische status 23
3.3.2. Indicatoren voor gezondheidstoestand 25
3.4. Het meten van verschillen 27
3.5. Omzetting van absolute naar relatieve socio-economische status 29
4. RESULTATEN 33
4.1. Levensverwachting naar geslacht en opleidingsniveau 33
4.2. Prevalenties naar opleidingsniveau 34
4.3. Levensverwachting in goede ervaren gezondheid 37
4.3.1. Levensverwachting in goede ervaren gezondheid naar geslacht 37
4.3.2. Levensverwachting in goede ervaren gezondheid naar opleidingsniveau 38
4.3.3. Partiële levensverwachting in goede ervaren gezondheid, leeftijd 25 tot 75 jaar, naar relatief opleidingsniveau 41
4.4. Levensverwachting zonder beperkingen 45
4.4.1. Levensverwachting zonder beperkingen naar geslacht 45
4.4.2. Levensverwachting zonder beperkingen naar opleidingsniveau 45
4.4.3. Partiële levensverwachting zonder beperkingen, leeftijd 25 tot 75 jaar, naar relatief opleidingsniveau 48
4.5. Levensverwachting in goede geestelijke gezondheid 49
4.5.1. Levensverwachting in goede geestelijke gezondheid naar geslacht 49
4.5.2. Levensverwachting in goede geestelijke gezondheid naar opleidingsniveau 50
4.5.3. Partiële levensverwachting in goede geestelijke gezondheid, leeftijd 25 tot 75 jaar, naar relatief opleidingsniveau 52
5. DISCUSSIE 54
5.1. Informatieve waarde van de basisgegevens 54
5.2. De indicator gezondheidsverwachting 55
5.3. Aard van de relatie tussen gezondheidsverwachting en opleidingsniveau 55
5.4. Grootte van de verschillen in gezondheidsverwachting 56
5.4.1. Absoluut onderwijsniveau 56
5.4.2. Relatief onderwijsniveau 58
5.5 Welke groepen brengen het meeste jaren in slechte gezondheid door? 59
6. BESLUIT 60
7. BIBLIOGRAFIE 61
8. BIJLAGEN 69